Wim van Dalfsen (6 november 2017)

column Wim van Dalfsen

Ons rechtssysteem is van ons allemaal
Aanleg voor criminaliteit heb ik niet. Als jochie had ik al volop wroeging toen ik samen met twee vriendjes snoep uit een winkel jatte. Ik heb dan ook geen carrière in die richting gezocht. Ook aan een functie bij de politie of bij justitie heb ik nooit gedacht. Toch wil ik vanavond graag mijn gedachten over het rechtssysteem met u delen. Ik geef u mijn ideeën als betrokken, kranten lezend burger.

Eerst een paar cijfers om u alvast in de stemming te brengen. In 2016 is 53% van de aangiftes bij de politie in Overijssel niet in behandeling genomen. Waarom stond er niet bij. Waarschijnlijk – zeg ik – vanwege de grote bureaucratische rompslomp die zo’n aangifte met zich meebrengt en de kleine kans dat deze tot een oplossing komt Het aantal afgewezen aangiftes is sinds 2012 met een kwart gedaald van bijna 100.000 naar iets minder dan 75.000. Dat komt omdat er steeds minder aangiftes worden gedaan. Zou dat komen omdat het geloof in ons rechtssysteem langzaam aan het verdwijnen is? Of zou het komen doordat betrokkenen – officieren van justitie, advocaten en rechters – zo druk met elkaar bezig zijn dat ze een beetje losgezongen raken van de maatschappij?

Let wel: Rechtszekerheid is misschien wel de kostbaarste verworvenheid van onze maatschappij. Daarom moeten we er zorgvuldig mee omgaan. Wel heb ik de indruk dat onder invloed van bezuinigingen en bureaucratisering het systeem te star wordt. Laatst las ik in de krant dat rechters in de toekomst niet meer nodig zouden zijn. Een computer zou ook wel schuld en straf kunnen bepalen. Dit soort denken leidt tot calculerend crimineel gedrag met alle uitwassen die we de laatste tijd zien.

Laat ik u meenemen in enkele observaties die de laatste jaren in mijn denken zijn blijven haken. Het begint bij de Schiedammer Parkmoord. Een vertegenwoordiger van de rechtelijke macht zei achteraf het volgende: Weliswaar is de verkeerde man veroordeeld, maar in ons rechtssysteem zijn geen fouten gemaakt. Stelt u zich voor: u belt met een winkel dat er een verkeerd bed is geleverd en de man van de winkel antwoordt: u hebt weliswaar een verkeerd bed gekregen, maar wij hebben geen fouten gemaakt.

Vorig jaar werd er bij ons in de buurt ingebroken. Een maand later hadden wij een buurtfeestje waarbij de inbraak uitgebreid ter sprake kwam. Ik vroeg of de dader al bekend was. Vrijwel iedereen kende de dader. Het was een verslaafde die al tientallen akkefietjes op zijn naam had. Soms zat ie even vast maar tot een echte veroordeling kwam het nooit. “Totdat hij een keer op heterdaad wordt betrapt”, zei degene waar ingebroken was. “En dan hoop ik dat ze hem zo te pakken nemen dat ie echt een paar jaar van de straat is”. Deze uitspraak werd met algemene instemming begroet. Dat zou de enige manier zijn om dit soort crimineeltjes in toom te houden.

Ongeveer een jaar geleden zag ik een tv-documentaire over de Utrechtse serieverkrachter. Deze werd gepakt doordat hij zijn DNA moest afgeven in verband met een door hem gepleegde fietsendiefstal. Zijn advocaat vroeg vrijspraak omdat de fiets een lokfiets was geweest die er speciaal voor zijn cliënt was neergezet. De rechter wees dat af omdat de officier kon bewijzen dat het toch echt een actie tegen fietsendiefstallen was geweest. Was de man vrijgekomen als dat niet zo was geweest? Hoe rücksichtsloos komt een advocaat op voor een serieverkrachter waarvan onomstotelijk vast staat dat hij de dader is? Was deze man echt vrijgekomen als het bewijs “onrechtmatig” was verkregen? Overigens raadde deze advocaat zijn cliënt ook aan om niet aan een TBS-onderzoek mee te werken. In dit geval is dat ook gelukt want de man heeft alleen een gevangenisstraf gekregen en geen TBS. Resultaat van calculerend gedrag? Over de laatste moord op Anne Faber wil ik niet uitweiden. U weet daar alles van.

Mede door deze ervaringen vraag ik mij af of ons rechtssysteem nog wel voldoende effectief is. Dat geldt vooral bij daders die seriematige misdaden plegen. Zowel voor de kleine crimineel die de maatschappij echter wel heel veel overlast bezorgt, als voor de moordenaar en verkrachter. Dit soort serie-criminelen vertoont bijna altijd calculerend gedrag. Vaak ondersteund en aangemoedigd door hun advocaten. Ze worden veroordeeld door rechters die met handen en voeten geboden zijn aan een stelsel van straffen met kortingen. Rechtszekerheid en rechtvaardigheid voor de beklaagde tellen zwaar. Zo is in de loop van de tijd een soort prijslijst van straffen ontstaan die je kunt lezen als een menukaart.
In 2003 kwam een commissie nog tot de conclusie dat ons straffenstelsel nog voldoet aan de eisen van de tijd. Ik vraag mij dat af. Zou straffen niet veel meer op de persoonlijkheid van de dader zelf moeten worden gericht. Hoofddoel daarbij is het voorkomen van herhaling: recidive. Alle andere doelen, zoals vergelding, afschrikking en rechtvaardigheid komen in mijn visie op de tweede plaats. Een rechtszaak tegen een verdachte mondt dan uit in een soort overeenkomst met die verdachte. Hij stemt in met een benaderingswijze en een aantal maatregelen waardoor de kans op recidivering zo klein mogelijk is. De delinquent zit niet zijn gevangenisstaf uit maar sluit zijn persoonlijkheidsomvorming af met een soort examen waarvoor hij moet slagen. Het lijkt op TBS, maar dan ook voor minder zware, maar wel seriematige misdaden. Denkt u nu niet dat dit een softe benadering is.

In theorie kan iemand waarbij de rechter recidive uitgesloten acht, direct naar huis. Bij al die andere gevallen is de creativiteit onbegrensd. Het gaat erom dat de delinquent in zijn persoonlijkheid geraakt wordt en zijn gedrag drastisch wijzigt.
Bij maatregelen kun je denken aan: verhuizing naar een andere plaats; niet meer omgaan met bepaalde familie en vrienden; het innemen van bepaalde medicijnen; het maken van studies en werkstukken; het volgen van een bepaalde opleiding; het uit het hoofd leren van regels, gedichten en teksten; het aanleren van vaardigheden; het vastleggen van sancties voor het geval dat men toch weer over de schreef gaat.
Hoofddoel van een dergelijk systeem blijft bescherming van de maatschappij. Het zou kunnen dat bepaalde delinquenten nooit meer van hun straf afkomen. Maar dan is daar ook alle aanleiding voor!
Is zo’n systeem juridisch mogelijk? Ik zou het niet weten. Maar wat mij betreft is ‘het voorkomen van recidive’ het kernpunt voor hervorming van ons rechtssysteem. Wij, als burgers moeten actief meedenken over dat rechtssysteem. Dat moeten we niet overlaten aan een stel calculerende juristen en met handen en voeten gebonden rechters. Dat rechtssysteem is van ons allemaal.

You may also like