1 juni 2015: GERRIT VAN WOUDENBERGH

1 juni 2015: Gerrit van Woudenbergh

Dames en Heren,
In de komende  minuten wil ik met u mijn visie delen op de binnenstad van de toekomst of, zo u wilt, de toekomst van onze binnenstad.

Tegenover u staat een optimist. Ik probeer in ieder geval altijd de zonzijde te ontdekken en zal niet gauw denken in termen van  ”kan niet”, maar veel meer van mogelijkheden. Ik ben vooral iemand met een hart voor Almelo en daar hoort de binnenstad prominent bij!
Natuurlijk, er is leegstand , maar dat is geen specifiek Almeloos probleem. Er is geen stad in Nederland die daar niet mee te maken heeft. De vraag is: hoe pakken we dat probleem aan in onze stad? Hoe zorgen we dat Almelo een aantrekkelijk centrum houdt? Hoe trekken we mensen naar het centrum en hoe houden we hen hier? Een paar facetten daarvan wil ik hier belichten: winkels en horeca, bereikbaarheid, parkeren en gastvrijheid.
In elk geval zijn er mogelijkheden. We hebben genoeg om trots op te zijn en waar we iets mee kunnen. De plaatselijke horeca doet het uitstekend en op cultuurgebied is er veel te doen, maar een binnenstad zonder winkelen is ondenkbaar. Wat hebben we nodig? Gelukkig hebben we nog steeds goede  speciaalzaken ,dus zaken die iets te bieden hebben, èn landelijke ketens van betekenis, maar er is één belangrijke voorwaarde: we moeten het samen doen: ondernemers, eigenaren van panden, corporaties en overheid.

Er is inmiddels een goed begin gemaakt door de gemeente, Brussel en de provincie. De gelden voor de Q-impuls liggen klaar, er komt een gevelfonds  en er is overleg met de eigenaren van de panden in het stuk Grotestraat-Noord en Grotestraat- Zuid, maar ik pleit voor een nog betere integrale aanpak met alle betrokkenen in de binnnenstad. Een mooi voorbeeld zag ik onlangs in Heerlen. Daar heeft men een “aanvalsplan leegstand” gelanceerd, met als eerste resultaat dat zo’n twintig leegstaande panden  weer zijn gevuld. In Heerlen liepen mensen rond die wel een zaak wilden beginnen. Die heeft men bij elkaar gebracht. Eigenaren van winkelpanden moeten dan niet meer de huren vragen van voor de crisis. Daar horen juist instaphuren bij, omzetgerelateerde huren. De zaak moet gaan bewegen, dat moeten we stimuleren!
In de jaren tachtig was ik voorzitter van de winkeliersvereniging Oranjestraat en later van de SOBA. Sinds vorig jaar september ben ik voorzitter van Centrum Almelo Aktief. In feite hoor ik nu nog steeds dezelfde geluiden; we zijn met van alles bezig, maar veel te weinig met het verkopen van onze binnenstad!
Voorzitter zijn van zo’n club lijkt ingewikkeld, al die ondernemers en bedrijfsleiders bij elkaar, van  shopmanager van C&A tot en met de eigenaar van een eenmanszaak. De beleving van al die ondernemers is heel  gevarieerd, maar we hebben hen allemaal nodig. Mensen komen in eerste instantie naar de binnenstad voor het bijzondere van die zaken. Die kracht die je moet uitstralen komt altijd het eerst, daarna komt het collectief!
Goed, zult u denken, hoe zit het dan met de bereikbaarheid  van de binnenstad en de parkeermogelijkheid? Dat zijn wezenlijke zaken. Daarvoor is die integrale aanpak van de binnenstad belangrijk!
“Almelo Gastvrij” moet eigenlijk in koeienletters bij de entree van onze stad staan. Daar hoort  bij dat je op koopzondagen gratis kunt parkeren. Tot nu toe zegt de gemeente dat dit geld kost. Ik draai het om: je moet minder opbrengst in je begroting meenemen.
Ook de bereikbaarheid van de mooie parkeergarages achter het Theaterhotel kan veel beter. Waarom niet vanuit het westen van de stad door de Schuttenstraat rijden en stapvoets de Grotestraat-Zuid passeren? Dat zou het bezoek aan deze parkeergarages zeer ten goede komen.

Dames en heren, ik blijf erop hameren dat we het samen moeten doen: ondernemers, eigenaren  en overheid. Of we het leuk vinden of niet, het aantal winkel zal in de toekomst afnemen. Daarom moeten we naar een compactere binnenstad, naar uitruil van locaties. Dat is een gevoelig onderwerp, maar verkassen naar een betere plek zal altijd meer omzet opleveren. De agrarische ruilverkavelingsprojecten zijn ook niet vanzelf tot stand gekomen, maar hebben voor veel boerenbedrijven wel voor een veel betere bedrijfsvoering gezorgd!
In de Oranjestraat, waar ik ooit de slagerij van mijn ouders heb overgenomen, zag je vanaf  de vijftiger, zestiger jaren woonhuizen veranderen in winkels, met inmiddels een gevarieerd aanbod. Functieverandering van straten is dus van alle tijden. Voor veel winkels zal nu het omgekeerde gaan gebeuren.

Dames en heren, ik zei het u al: ik ben een optimist. Ik probeer de zonzijde altijd te ontdekken. Met de aanvang van het nieuwe binnenstadsplan dit jaar en de waterboulevard ben ik ervan overtuigd dat we in een positieve flow terechtkomen. Op dat nieuwe fundament moeten we voortbouwen. Daar hoort  “Weet waar je koopt” en “Hart voor je stad” absoluut bij. Er zijn weinig zaken waarvoor je niet in de Almelose binnenstad terechtkunt. Mediamarkt omdat u toch niet gek bent?? Ik zocht een Apple I-pad, daarvoor moet je naar Hengelo, totdat iemand tegen mij zei ga eens naar Scheer & Foppen in de Citypromenade. Ddaar werd ik keurig geholpen, voor dezelfde prijs als bij Mediamarkt! Weet waar je koopt in de praktijk!
Dagelijkse boodschappen doe je meestal in de buurt. We hebben in Almelo een aantal voortreffelijke buurtcentra: het Eskerplein, het Van Goghplein en winkelcentrum de Schelfhorst. Het laatste is een van de beste winkelcentra in Twente. Dat zijn voor veel aankopen regelrechte concurrenten van de binnenstad. Om die reden is sprake van omzetverschuiving naar deze centra.

Daarom is het des temeer belangrijk dat we de binnenstad op orde hebben. Dus ook dat we een schone en veilige binnenstad hebben. Een straatje als de Muldersgang, de verbinding immers van parkeergarage/Hagengracht met de Citypromenade , moet er spic en span bijliggen. Dat is een welkomsportaal voor de binnenstad. Helaas constateer ik dat zo’n straatje er soms smerig bij ligt. Dat moet je actief meenemen in het veegprogramma voor de binnenstad. Wat die veegacties betreft: met brullend geluid worden om 5 uur ‘s middags op zaterdag de mensen bijna van de terrassen afgeblazen. Dat is niet verblijfsvriendelijk, vooral omdat ook de sluitingtijden op zaterdag  aan het veranderen zijn. Dat moet echt anders kunnen. Verbeterpunten dus!
In 2004 mocht ik een van de eerste columnisten zijn bij Zakelijk Almelo. Mijn onderwerp was “stedenreizen”. Toen ik stelde dat Almelo een van de steden zou kunnen zijn die de moeite van het bezoeken waard zijn, keek men mij meewarig aan. Ondanks de tekortkomingen wordt dit vaak bevestigd door gasten, overal vandaan, die logeren in het Theaterhotel, het Huis van Bewaring  of Preston Palace. Nu moeten we meer Almeloërs en de regio daar nog van overtuigen!

Afsluitend – de binnenstad van Almelo wacht een mooie toekomst. Veranderingen houden we niet tegen, maar we kunnen ze wel ten goede aanwenden. Met veel aandacht voor een schone en bereikbare binnenstad, met een gevarieerd aanbod aan winkels, waarbij ook het wonen in de binnenstad weer moet worden gestimuleerd. We zijn blij dat er weer brandende schemerlampen komen boven de oude V&D-locatie. Dat is een prima initiatief van Beter Wonen. Er blijft één belangrijke voorwaarde: we moeten het  samen doen. Daar horen de burgers en ondernemers van Almelo bij!