WIM VAN DER ELST

Wim van der Elst

‘Een columnist is in deze dagen een gezegend mens: hij krijgt de onderwerpen met kolenschoppen tegelijk aangeleverd. Dat is enerzijds luxe, maar anderzijds betekent dat ook een kennismaking met een prioriteringsprobleem. Toen ik dat woord intikte op mijn pc kwam er een rood golvend lijntje onder, dus dat woord heb ik zélf bedacht.

Omdat we ons in Zakelijk Almelo bevinden zal ik landelijke toewerpertjes laten liggen. Zo noodt de strijd om het lijsttrekkerschap van D’66 gemakkelijk tot opmerkingen als “méér lijsttrekkers dan zetels”, terwijl ook een vergelijking zich opdrong van de condoomles van Lousewies met een proefballonnetje. En de alliteratie Rutte of Rita had óók wel wat opgeleverd …

Ik geef daaraan niet toe. We houden het lokaal, en dat kan uiteenlopen van het nut van haringparties via de Cogasverkoop tot het op de schop nemen van de binnenstad van Almelo, de komende tien jaar. Deze variëteit wil ik vandaag niet uit de weg gaan want ze zijn kenmerkend voor het Nieuw Almeloos Peil.

Toen ik vanmiddag begon na te denken over deze column – maar het kan ook een paar dagen eerder zijn geweest – heb ik op de website zakelijkalmelo.nl de bijdragen van vorige columnisten nog eens doorgenomen. Het is opvallend wat een eenduidige lijn zij hierin bewandelen. Ik reik u wat citaten aan:

Nirvi Mes op 7 februari 2005: “hoe kom je van een goed idee tot een geslaagde innovatie? Door een team van enthousiastelingen samen te stellen… buiten de kaders, en met een minimum aan regels en controles…”
Rob Oostendorp op 7 november 2005: “deze zaal zit boordevol intuïtie, passie en ondernemerschap ….”

Jan Krol op 4 april 2005 sprak van “… niet lullen maar poetsen” – de enige keer dat ik hem in dit verband het woord “niet” heb horen uitspreken. Een goedkoop inkoppertje, maar Jan kan het hebben.

Menno Knip op 6 februari 2006: …”Niet alles hoeft tegelijk, dat is zelfs niet in de wave. Maar steek die kop boven het maaiveld!”. U hoorde toen al een zekere preoccupatie met het WK voetbal, maar ook wat méér, hoop ik.

Ger Vermeulen op 3 april dit jaar citeerde de oude Griekse filosofen die zeiden dat “niets blijvend is en alles verandert”. Het Panta Rei van Heracleitos.
En zelf heb ik u, ondernemers van Almelo, op 5 september vorig jaar opgeroepen tot een actievere bemoeienis met de lokale politiek om de toeschouwersdemocratie eens te lijf te gaan.

U merkt: al die columns ademen dezelfde geest. Ik noem die: de Almelose Gedachte. Tóch zijn al deze columns los van elkaar geschreven, door iedereen vanuit zijn eigen visie op zijn omgeving. Er ligt geen businessplan aan ten grondslag – hoewel ik dit graag zou hebben geschreven – maar het was alles emotie, gezamenlijk beleefde emotie.

En dan nu de vraag: heeft dit zin gehad?

Het antwoord is zo Hollands als haring: ja, en: nog niet. Ik heb vorige week dinsdagavond mogen luisteren naar wethouder Anthon Sjoers toen hij de Gemeenteraad vertelde en toonde wat er de komende tien jaar gaat veranderen in de Almelose binnenstad. Daar sprak passie, ondernemerschap en een zekere intuïtie, want je kunt niet élke steen plannen. Ik dacht: hé, die heeft naar Oostendorp geluisterd. Het water komt verder de stad in, er komen zichtlijnen, kantoren en huizen gaan plat, Almelo krijgt een invasie van shovels. Het maaiveld komt daarmee aanmerkelijk lager te liggen, en dus steek je de kop er gemakkelijker boven uit. Menno wordt op zijn wenken bediend! Er wordt geluisterd!

Anthon zweeg, het kostte hem moeite, en ik verwachtte een reactie zoals je dat op oude schilderijen wel ziet: de Eed in de Kaatsbaan, het begin van de Franse Revolutie, dat soort dingen en zo. Maar nee.

De gemeenteraad – waarin de ondernemers van Almelo nog altijd sterk zijn ondervertegenwoordigd – reageerde met een mager applausje. En er volgden vragen waarin woorden voorkwamen als “procedure”, “haalbaarheid”, “als dit …. wat dan? …”. Geen misverstand: allemaal niet van relevantie ontbloot, allemaal valabele vragen en opmerkingen. Maar het “team van enthousiastelingen” van Nirvi Mes: nee, dat zat er niet. Men wist het althans bekwáám te verbergen, op één raadslid na, maar die is dan ook ondernemer.

Waarom nou zo’n lauwe reactie? Angst om later te worden afgerekend op iets dat gevoel, enthousiasme of andere emotie verraadt? De centen die we voor de Cogas beuren – hoeveel en van wie ook – zijn over een paar jaar op, maar een visie die we in tien jaar gaan realiseren maak je niet dagelijks mee! Laten we in zo’n geval dan eensgezind hoera roepen!
Procedures en processen komen later wel vanzelf, wees daar in dit land niet bang voor.
Angst is een slechte raadgever. Angst voorkomt dat je keuzes maakt, ook keuzes die je misschien even wat minder populair maken. Als je dáár bang voor bent, dan zou je iederéén moeten uitnodigen als je bijvoorbeeld een feestje geeft, en de haring is al zo duur. Soms moeten er keuzes worden gemaakt, dit wel, dat niet, die wel, die niet. En dus bestaat Almelo nu uit twee soorten mensen: zij die er afgelopen vrijdag bij waren, en zij die er niet bij waren, en dan doel ik natuurlijk op de haringparty van Mark Rutte op het terrein van een Almelose transportondernemer.

Dames en heren, “ik ben trots op Almelo” is de leuze van het bekende maar onbenoemde Almelose genootschap ProAlmelo. Laten we ook trots zijn op een paar Almeloërs: Haring Henk en Shovel Sjoers. Kop boven het maaiveld, good goan!’