HANS HAMMINK

Hans Hammink

Dames en heren,

Ik heb plezier in mijn werk. Ik heb het écht naar mijn zin. En U waarschijnlijk ook, als ik het zo zie. Dat is goed. Dat zou iedereen moeten hebben, plezier in zijn werk. Of je nu werkgever bent of werknemer – als je dagelijks met tegenzin aan je dag begint, dan gaat het niet goed met je. Dat kost je je gezondheid. Dat is slecht voor je onderneming, dat is slecht voor de mensen om je heen.

Ik zou het hier bij kunnen laten, maar u verwacht waarschijnlijk méér van een columnist, en dus wil ik u ook vertellen waaróm ik plezier heb in mijn werk. Dat heeft natuurlijk met name óók te maken met het feit dat ik onlangs voorzitter ben geworden van het Regionaal Ondernemers Contact ROC, en daar zou u allemaal lid van moeten zijn, maar vanmiddag wil ik het hebben over Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen – in het jargon: MVO. Dat is een bepaalde manier om je werk te doen, en die is goed voor jezelf, goed voor je medewerkers, goed voor je onderneming, goed voor de mensen om je heen en goed voor de wereld. Zeg daar maar eens ‘nee’ tegen.

In het klassieke beeld van een onderneming steunt een bedrijf op twee pijlers: de factor kapitaal en de factor arbeid. Eeuwenlang heeft de nadruk gelegen op die factor kapitaal – wie de centen had was de baas, en wie er wat op tegen had kon vertrekken, al dan niet met een ‘t’. Dat duurde tot het einde van de 18de eeuw toen de klassenstrijd begon en de factor arbeid zijn plaats ging opeisen, aangevoerd door bijvoorbeeld Karl Marx, en in Nederland door mensen als Domela Nieuwenhuis, Pieter Jelle Troelstra, Jan Ligthart en vele anderen.

Het socialisme won terrein in de politiek, en de vakbeweging werd sterker en sterker in de economie. Het is een taaie strijd geweest, en jonge ondernemers van nu kunnen zich niet voorstellen dat hun collega’s van 100 jaar geleden te maken hadden met een arbeidsrecht dat bestond uit niet meer dan drie artikelen in het Burgerlijk Wetboek! De kreet ‘100 jaar socialisme heeft slechts geleid tot de term: de vakbonden zijn ingelicht’ is dan ook een grove versimpeling van feiten.

Vandaag de dag zijn de factoren arbeid en kapitaal als twee communicerende vaten – ze houden elkaar in evenwicht, hoewel ze daar misschien bij Corus nu even anders over denken … En in die redelijke evenwichtssituatie verschijnt de afgelopen jaren een derde pijler: het Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen.

In de MVO-visie steunt een onderneming op drie ‘P’s’ – Profit, People en Planet. En onder Planet wordt een heleboel verstaan: de samenleving in het algemeen, met mensen die door allerlei oorzaken al lang niet meer hebben kunnen werken maar wél aan de slag willen, met grondstoffen die schaars zijn en waar zorgvuldig, efficiënt en zuinig mee moet worden omgegaan, met normen en waarden die je als fatsoenlijk mens in acht neemt tegenover je medemens. Dat alles betekent nogal wat.
Het betekent bijvoorbeeld dat je in je bedrijfsvoering rekening houdt met het milieu, ook op die gebieden waar misschien nog géén wetgeving over bestaat. Het betekent dat je als ondernemer niet tolereert dat er mensen in je bedrijf worden gepest, en dat je je sterk maakt voor integratie van allochtoon( heel gewoon) en autochtoon, blank en zwart, homo en hetero, mannen en vrouwen. Het betekent dat je je inspant om ook die zwakkere in de samenleving een baan te bezorgen – en in dat opzicht is het project Convince van de gemeente Almelo een uitstekend initiatief dat krachtige ondersteuning van het bedrijfsleven verdient. Het betekent ook dat je je als goede ‘noaber’ in Almelo opstelt in je directe werkomgeving, dat je actief bent in je samenleving en open bent over je bedrijfsactiviteiten.

Toen de factor arbeid zich liet gelden ging dat ten koste van de factor kapitaal. Medezeggenschap en al die werknemersverzekeringen kosten handenvol geld – maar we zijn er als samenleving niet minder van geworden. En zo zal het ook gaan met de onstuitbare opkomst van de derde factor, MVO. Of die opmars ook weer 100 jaar gaat duren durf ik niet te voorspellen – de wereld draait vandaag de dag nu eenmaal sneller dan ooit. Maar als we in het kader van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen besluiten geen producten van kinderarbeid in India of China te willen verkopen, dan is dat toe te juichen, hoewel dat voorlopig niets verandert aan de kinderarbeid in India of China.
We veranderen de wereld niet in een maand. Maar we moeten wel ergens starten, en waarom zou de victorie niet een keer ook in Almelo kunnen beginnen? Ik roep u dan ook op vanaf morgen in evenredigheid te denken aan Arbeid, Planeet en Kapitaal – je zou kunnen zeggen: een APK-keuring van ons beleid. En wie weet staat dat over een paar jaar bekend als de Almelose Productie Kwaliteit. Want zó doen we dat in Almelo.
Ik wens u vanaf morgen nog méér plezier in uw werk!