WIM VAN DER ELST

Wim van der Elst

Goedenavond.
Allemaal terug van vakantie. Profronde achter de rug. Lekker opgeladen? Weer klaar voor nieuwe uitdagingen? Weer klaar voor druk, druk, druk? Denk eraan: op tijd ontspannen. Er is méér dan de zaak alleen. Er is méér dan werken. Als je al geen ‘sick building syndroom’ krijgt, zit je, voor je het weet, in een burn-out en ben je maanden uit de roulatie, want zoiets bouw je in jaren op en ben je niet in een week kwijt.

Maar een beetje werkgever kijkt natuurlijk om zich heen, kijkt ook naar zijn werknemers, zijn mede-werkers. En sinds kort weten we dat we ons bij dat ‘mede-werken’ een vraag moeten stellen. Vroeger zou dat zijn: werken ze wel méé, werken ze niet tègen – maar je moet je sinds enkele maanden ook afvragen: werken ze wel? Wie ‘Het Bureau’ van Voskuil heeft gelezen weet hoe raamambtenaar Maarten Koning zijn dagen doorbrengt. Maar fictie is vaker werkelijkheid dan we verwachten. Volgens een onderzoek van de universiteit van München is ongeveer elke tweede werknemer ‘onderbelast’. Volgens organisatiebureau Proudfoot wordt één derde van de werktijd doorgebracht met privé-zaken – zo’n twee en een half uur. En slaaponderzoeker – je weet niet half waar wetenschappers zich mee bezig houden – slaaponderzoeker Jürgen Zulley heeft ontdekt dat een vierde van de werknemers tijdens het werk wel eens in slaap valt. Kortom, zo concluderen de Zwitserse organisatieadviseurs Rothlin en Werder, heel veel werknemers vervelen zich een ongeluk op hun werk, raken daardoor geagiteerd, moe en depressief, hebben een hogere kans op hartinfarcten, infecties en kanker – kortom: hebben last van een bore-out. Een bore-out is het tegenovergestelde van een burn-out, maar heeft hetzelfde resultaat. Les extrêmes se touchent, je bent je mensen maanden kwijt en dat is knap duur.
Verveling op het werk is voorlopig een niet-erkend probleem. TNO doet jaarlijks een onderzoek in de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden en stelt daarin veel vragen over extra hard werken. Stress is nu eenmaal spectaculairder of sexier dan verveling. Niettemin is uit die enquête te lezen dat zeker 15 % van de Nederlanders te weinig heeft te doen op zijn werk – en nader bepaald komt men zelfs op 10 % van de hoger opgeleiden. En dan gaat het om twee aspecten: er is te weinig werk, of er is voldoende werk maar er zit geen uitdaging meer in, het is saai, het is routine. Het Researchcentrum van Onderwijs en Arbeidsmarkt geeft een nader beeld: één derde van de wetenschappelijk opgeleiden en
20 % van de hbo’ers werkt anderhalf jaar na afstuderen onder zijn niveau. Wat een vreselijke verspilling!

Wie zich permanent niet voelt uitgedaagd, gaat zich vervelen, en wie zich constant verveelt, verliest op den duur de interesse. Maar wie van u heeft het wel eens meegemaakt dat een medewerker binnenkomt met de mededeling dat hij zich verveelt? Dat hij niet de hele werkdag zinvol bezig is? Iedereen zal zijn verveling verhullen. Verveelde werknemers gaan op zoek naar alternatieve bezigheden, en het digitale kantoor biedt ruim voldoende mogelijkheden. Denk eens aan die oneindige stroom van nutteloze informatie op Internet: de filmpjes van Johan Derksen van Voetbal International hebben honderdduizend en meer hits per dag, de website Geen Stijl zelfs nog méér, en vooral tijdens kantooruren.

De vraag is natuurlijk: wat doen we aan dat probleem? IT-oplossingen zijn schijnoplossingen – de toegang tot sommige soorten websites blokkeren, het lezen van kranten verbieden, dat alles lost het probleem van de verveling niet op.

Probeer eerst eens te achterhalen wie zich in uw organisatie verveelt. Hoe herken je de aanstaande bore-out patiënt? Hij blijft vreemd genoeg lang op kantoor, liefst langer dan z’n baas: de pseudo-commitment strategie. Hij neemt een tas vol werk mee naar huis – in elk geval een volle tas, die sowieso dicht blijft. De bore-out patiënt in spé is een meester in de tactiek van de strategische vertraging: om verder te kunnen met een project heb je input nodig van iemand anders. Die benader je op het moment waarvan je weet dat hij er niet is, en zo wordt die ander verantwoordelijk voor het feit dat je niets kunt doen, uren of misschien dagen. Zodra je dit excuus hoort, dienen er alarmbellen af te gaan. Zo iemand verveelt zich.

Sommigen gaan zelfs zover dat ze een jasje over hun stoel hangen, een halfvolle kop koffie op hun bureau zetten, en dan uren gaan wandelen. Iedereen denkt tenslotte dat hij hard aan het werk is, even is weggeroepen en dat hij zó terugkomt. Ziet u zo’n bureau, kijk dan eens op het computerscherm: tien tegen een dat er in Excel allerlei schermen zijn geopend met voortgangsbalken, zodat het lijkt dat men met iets heel ingewikkelds bezig is. Zo iemand verveelt zich. Hij lijkt druk, druk, druk, hij rent met dikke dossiers. Hij houdt mensen van het werk, en zelfs pesten kan een uiting zijn van verveling. Al die contraproductieve signalen zijn te herkennen, al dat contraproductieve gedrag is aan te pakken.
Bedenk daarbij een ding: iemand zich verveelt is bij lange na niet iemand die lui is. Een verveelde werknemer wil vaak maar wát graag werken, maar hij krijgt geen werk. Dat is uw verantwoordelijkheid! Ga die quasi  overbezette baasjes niet helpen door er iemand naast te zetten – in no time probeert ook die uit pure verveling druk, druk, druk te lijken. U helpt ze alleen door te zorgen voor zinvol werk, medewerkers uit te dagen tot het volgen van cursussen, tot het doen van voorstellen om processen te verbeteren, hun vakgebied te verbreden, door ze actief te betrekken bij het werk en desnoods, in laatste instantie, om een andere baan te nemen. Kortom: er wacht u na de vakantie, na de Profronde, een nieuwe uitdaging: hard aan het werk, druk, druk, druk,  tegen de verveling!