RITSE GIERVELD

Ritse Gierveld

Mijn vader, Joep Gierveld, heeft in de zomer van 2011 een herseninfarct gehad. Hij is daar gelukkig redelijk goed uitgekomen. Hij is wel ineens wat ouder geworden en hij komt af en toe iets moeilijker uit zijn woorden. Maar met de juiste medicijnen kan hij waarschijnlijk nog jaren mee.

Als oud-reclameman stoort hij zich aan verwarrende communicatie. Hij heeft wat dat betreft al genoeg aan zijn hoofd. Vandaar dit verhaal met de volgende titel:

Mijn vader studeert medicijnen

Mensen die ouder worden krijgen vaak te maken met medicijngebruik. De dokter heeft medicijnen voorgeschreven en de patiënt kan deze op halen bij de apotheek. Patiënten slikken medicijnen omdat ze de arts en de apotheker vertrouwen. Artsen en apothekers hebben immers gestudeerd en zijn daarom de deskundigen. Zij weten wat een patiënt nodig heeft.

Als patiënt wilt u kunnen vertrouwen op de mensen die u de medicijnen verstrekken. Wanneer u een kuurtje antibiotica ophaalt, is er eigenlijk niets aan de hand. Het wordt anders, als u elke dag een heel bakje met pillen moet slikken. ‘s  Morgens, ’s middags en ’s avonds, dag in dag uit.
Het probleem dat dan de kop opsteekt: de patiënt krijgt regelmatig pillen, die er compleet anders uitzien dan de vorige keer. Logisch, want er is marktwerking, er zijn nu eenmaal meerderde aanbieders die met elkaar concurreren. En ook de zorgverzekeraar mengt zich in het verhaal, het moet immers wel betaalbaar blijven.

Het gevolg: mijn vader krijgt een tasje mee bij de apotheek, vol met doosjes pillen die er steeds weer anders uit zien. De pillen hebben vaak ook andere merknamen. De apotheker plakt zijn eigen instructiesticker over de merkverpakking. De merkinformatie daaronder, van de fabrikant, is blijkbaar niet meer relevant.

Voor de volledigheid ook nog een waarschuwing van de DGV, het Nederlands instituut voor verantwoord medicijngebruik: lees altijd het etiket dat door de huisarts of apotheker op de medicijnverpakking is geplakt. Dit was altijd al zo, maar de doordrukstrip die uit het doosje komt, heeft die sticker niet. Daar staat de werkzame stof en vaak ook een merknaam op. En die doordrukstrip ziet er ook weer anders uit. Gouden strips, zilveren strips, witte strips, enzovoort. Zelfs de vorm en de kleur van de medicijnen kunnen anders zijn.
Keer op keer worden er medicijnen verstrekt van ‘andere’ fabrikanten, die anders verpakt zijn. En zo ontstaat er onnodige verwarring bij de patiënt. Verwarring die zelfs bedreigend kan zijn voor de gezondheid.

Vanuit een marketing perspectief is het logisch dat fabrikanten zich willen onderscheiden in de markt. Een bijzondere verpakking of een mooie merknaam kan daar onderdeel van zijn. Het is echter de vraag of de patiënt daarmee gebaat is.

Onderscheidende merkcommunicatie is alleen relevant voor de echte doelgroep. In dit geval de artsen en apothekers. Als artsen en apothekers zelf meer klantgericht gaan werken kan er in communicatie naar de patiënt veel verbeterd worden.

Verpakkingen voor de patiënt zouden duidelijk gecodeerd moeten worden. Dat kan door middel van kleurgebruik, coderingen en typografie. Alleen de medische benaming van de werkzame stof is relevant en moet daarom dominant zichtbaar zijn. De afzender is uw eigen ‘betrouwbare’ apotheek. De gegevens van de fabrikant moeten klein vermeld worden.

Ik weet van mijn vader dat hij het prettig zou vinden om helder gecommuniceerd te krijgen welke pil hij moet slikken. Ingewikkelde medicijn-informatie moet daarom zo eenvoudig mogelijk aangeboden worden. Onnodige merkcommunicatie op de eindgebruikers is verwarrend en daarom ongewenst. Een mooie taak voor de apothekers in ons land. Ik ken nog wel een reclamebureau dat ze daarbij kan helpen. Dan kan mijn vader weer gaan schilderen, want dat vindt hij leuker dan een studie medicijnen.