6 JUNI 2011

Gasten van de derde editie van Zakelijk Almelo in het achtste seizoen op maandag 6 juni waren Guido Eggermont (Stadspromotie Almelo) en Ewald Huzink (Riwald Recycling).

Niet lang na zijn vertrek als commercieel directeur van PANalytical – en in die hoedanigheid was hij al eens onze gast – heeft Guido Eggermont (links) de voorzittershamer van Stadspromotie Almelo ter hand genomen. Stadspromotie Almelo is sinds enige tijd de nieuwe naam van Stichting Evenementen Almelo.

Martin Steenbeeke verleidde de gast tot een terugblik op zijn 27-jarige periode bij de verzelfstandigde Philips-dochter. Zo bleek dat in zijn opvolging bij PANalytical nog niet is voorzien. Ook werd duidelijk dat hij door dit werk heeft leren kennismaken met de stad zijner inwoning. Het verbaasde hem toen al dat menig inwoner al het moois dat Almelo te bieden heeft, niet herkent.

‘Als je Almelo op wilt stoten in de vaart der volkeren, zou je grote nationale en internationale evenementen en congressen kunnen gaan organiseren’, opperde hij. Aan de hotelaccommodatie hoeft het niet te liggen, die is toereikend. Eenvoudig zal de stadspromotie niet zijn. Dat ligt niet aan alles wat de stad te bieden heeft, wel aan de daarvoor beschikbare financiële middelen.

Guido Eggermont vraagt zich in gemoede af of het Almelose bedrijfsleven wel genegen is jaarlijks 1,2 miljoen euro bij te dragen aan de kosten die met de organisatie van evenementen en de promotie der stad verbonden zijn. De gemeente zelf draagt ook bij, namelijk ongeveer de helft van dit bedrag. Voeg daarbij de teleurstellende 45e plaats in de Atlas der Nederlandse gemeenten – mede op basis van het culturele  aanbod – en het zal duidelijk zijn dat er werk aan de winkel is.

Over hoe dat gaat gebeuren, kon Guido Eggermont (nog) niet in detail treden. Als dat in Twents verband zou gebeuren, is het wel zaak ‘Almelo te profileren in lijn met hoe je Twente wilt profileren’. Ons befaamde stoplicht kan daarbij een troefkaart zijn. Zestien miljoen mensen kennen het begrip en zullen bij het horen van het woord een glimlach niet onderdrukken.

Guido Eggermont: ‘Als je het woord “stoplicht” noemt, begint iedereen met een glimlach’

Tweede gast van de avond was Ewald Huzink, mede-directeur van Riwald Recycling. Jaren geleden is hij bij Zakelijk Almelo al eens aan de tand gevoeld. Begrippen als herverwerking, duurzaamheid en cradle to cradle waren toen nog niet tot in de haarvaten van bedrijfsleven en samenleving doorgedrongen. Hun nering verleidde toen tot de uitspraak: ‘De een z’n schroot is de ander z’n brood’.

Ewald Huzink voegde daar een tweede one-liner aan toe: ‘Massa is kassa’. Het is sindsdien ‘niet bij brood alleen’ gebleven. Het gaat de gebroeders Huzink goed, blijkens het understatement: ‘We zijn tevreden.’ De drie broers gaan honderd procent voor elkaar door het vuur, vertelde hij. ‘We voelen elkaar exact aan.’

In Geesteren ‘deed’ Riwald op jaarbasis zo’n 20.000 ton. In september 2006 toog men naar Almelo, waar op jaarbasis inmiddels circa 230.000 ton oude metalen wordt verstouwd. Wat de groei verklaart? De locatie is belangrijk en voor Riwald is water essentieel. De bedrijfsvoering doen ze met hun drieën. Dat was in Geesteren al zo. ‘We gaan er nog één keer hard tegenaan. We zijn aan het begin’.

Riwald Recycling wil in Almelo nog 40 tot 50% groeien in omzet. Dat non-ferromaterialen binnenkort onderdaks moeten worden opgeslagen, biedt perspectief. ‘In schrootland lopen we voorop qua vernieuwing. Groei realiseer je door vernieuwing. De regelgeving inzake de verwerking en opslag van non-ferro komt ons goed van pas, want wij willen toch altijd vooroplopen.’

Ewald Huzink maakt zich geen illusies dat hij met de aankoop van buurman Sonder nu van de milieu-bezwaarprocedures verlost is. ‘Middelkamp gaat door’, al heeft hij geen idee welk belang daarachter schuilt. Enige verbazing is er wel. Met de nieuwe shredder die hij in huis heeft, is schroot straks 100% recyclebaar. ‘Dan had hij ons een bos bloemen moeten sturen als hij zo voor het milieu is.’

‘Blijft het dan toch niet opmerkelijk dat Riwald Recycling vaak met gedoogvergunningen moet werken?’, stelde Martin Steenbeeke. Dat komt volgens de ondernemer omdat af en toe procedurefouten zijn gemaakt door de overheid. ‘De provincie heeft een vergunningverlener. Dan gaan wij ervan uit dat het goed is. We hadden al willen draaien. Nu kost het ons omzet. Dat zijn forse bedragen.’

Punt van aandacht was ook de mede-investering in Stal Maathuis, een ‘leuk object’. Het CSI kan hiermee doorgang blijven vinden. Een van de winstpunten is ook dat de pony- en paardenvereniging, die niet over een eigen accommodatie beschikte, er nu gratis terecht kan. Over wat er met een ander deel van de locatie gaat gebeuren, liet de ondernemer zich geen uitspraak ontlokken. Wel wilde hij kwijt dat het ‘een aanwinst voor Geesteren’ zal zijn.

Als laatste onderwerpen passeerden nog het café in Manderveen – ‘Een dorp zonder kroeg is geen dorp’- en de voorgenomen rally naar Dakar de revue. Daarmee werd het formele deel van de avond afgerond en konden de aanwezigen zich vermeien in nagesprekken.

Volop aandacht was er ook voor de column, dit keer verzorgd door Jacob Melsen (supervisor binnenstedelijke projecten).

Foto’s werden welwillend ter beschikking gesteld door De GeleRaaf